Zweden, het gemankeerde paradijs… deel 1

PaulKent u die rits-rats-klik camera’s uitde jaren ’80, lezers? Dan weet u waarom dit blogje niet beschikt over beelden uit die tijd. Twee leden van dit Triumvieraat vertrokken in de zomer van 1980 naar Zweden op een fact-finding mission (da’s een synoniem voor vakantie in hogere ambtenaarskringen; het enige verschil was dat wij de reis zelf betaalden van ons schamele zakgeld en mager vakantiewerkloon). Wij waren in Schiedam op de Noord-West Express gestapt, een internationale trein die toen nog van Hoek van Holland helemaal naar Stockholm reed.

Onze vorige internationale reis, het jaar ervoor, was een expeditie geweest naar het woeste en onverkende België. Het stalen ros was daarbij ons trouwe vervoermiddel geweest en Triumvieraatlid Anton was toen ook van de partij. Wij drongen helemaal door tot de rivier de Maas die de binnenlanden aldaar doorsnijdt, totdat de ontberingen van de reis ons teveel werden. Terstede in het oerwoudstadje Hoei besloten wij, nagestaard door de inboorlingen, via Limbabwe weer naar de beschaving van ons thuisland terug te keren.

Cor en ik lieten ons niettemin niet uit het veld slaan in onze queeste de onbedorven wildernis te exploreren. Criterium één op onze lijst was dat er tenminste nog wolven en beren vrij rond moesten lopen. Het Zwarte Woud viel af toen we ontdekten dat de wilde dieren daar achter draadgaas vrij rondliepen. De wildernis van Oost-Europa was voor ons, minderjarig als we waren, nog een ijzeren gordijn te ver. Neen, het Noorden lonkte; in Zweden zouden we alles vinden wat we zochten. Wilde dieren voor mij en vrijzinnige blondines voor Cor.

Maar ook afgezien van de levende have was Zweden voor ons een bedevaartsland in die tijd. Stel je voor: een land waar een kinderboekenschrijfster met een sprookje een regering ten val kon brengen, waar miljoenairs demonstreerden voor eerlijker lastenverdeling, waar kinderen met een gratis schoolbus naar een gratis basisschool werden gebracht alwaar ze een gratis schoollunch konden genieten of studeren in hun gratis schoolboeken. Alcohol en tabak waren wel schreeuwend duur, maar wij rookten noch dronken op die leeftijd. Correctie, wij dronken wel, maar alleen Yogo Yogo, een van kleurstoffen en conserveermiddelen stijfstaande drinkyoghurt, weet u nog wel (Vraag anders maar aan Hans Liberg)? Zeven liter van dat spul hadden we in onze rugzakken gestouwd! Daarnaast hadden we gevriesdroogd voedsel, een heus noodrantsoen (voor als we zouden verdwalen), een vuurmaker, een jachtmes, een bijl en 20 meter touw (om rivieren mee over te steken), jawel (opdat u niet denkt dat we op de bonnefooi het arctische achterland in dachten te trekken).

Op een rantsoen van yogo yogo en grote plakken taxfree chocolade reden we helemaal door naar Sundsvall, toen nog de hoofdstad van de provincie Medelpad (tegenwoordig zijn de oude provincies vervangen door nieuwe administratieve eenheden) dat in het midden ligt tussen het uiterste Zuid- en het uiterste Noordpuntje van Zweden, maar dat niettemin al een uitpost is in het uitgestrekte land. Aldaar verbleven we in een jeugdhotel op de top van een heuvel net buiten de stad en daar werden we uitgenodigd door een Duitse geoloog om een nachtelijke strooptocht te ondernemen naar het geologisch unieke eiland Alnö, een dode vulkaan, net ten Noorden van Sundsvall. De buit bestond uit enkele stukjes alnoiet, een mineraal dat alleen daar voorkomt, en wat andere steenmonsters waaronder melkwitte calciet. Wij moesten op wacht staan (en werden daarmede medeplichtig aan mineralenroof; u ziet, oh lezer, hoe de leden van het Triumvieraat al vroeg het verkeerde pad op gingen. Ik hoop maar dat de zaak inmiddels verjaard is).

Vanuit Sundsvall reden we met korting (dankzij een zeer behulpzame medewerker van de Zweedse Spoorwegen) naar het plaatsje Storlien in de provincie Härjedalen aan de grens met Noorwegen. Daar, zo hadden wij gelezen, liepen zelfs muskusossen nog in het wild rond. Het was de poort naar de laatste ongerepte wildernis van Europa. Ik verwachtte er op z’n minst toch wel een kudde elanden tegen te komen en Cor droomde wellicht van meisjes die over de toendra dansten met bloemenkransen in het lange blonde haar (plaatjes in reisgidsen kunnen zulke ongefundeerde verwachtingen wekken).

Vol goede moed liepen wij, onversaagde avonturiers, langs het fjällstation het fjällandschap in. Het eerste wat ons opviel was dat de ondergrond uit zompig veen bestond, ondanks de stralende zon en er was geen wolf of beer te bespeuren. De wilde beesten waar wij wel mee te maken kregen stegen op als een rooksliert van meertjes en waterplassen om ons heen: miljarden muskieten, belust op ons type O bloed! De onversaagde pioniers keken elkaar aan en maakten als één man rechtsomkeert…

Wordt vervolgd

Advertisements
This entry was posted in Paul Nijbakker, Reisimpressies, Standplaats Tornio and tagged , , , . Bookmark the permalink.

6 Responses to Zweden, het gemankeerde paradijs… deel 1

  1. Rob Alberts says:

    Zo aan het eind van dit eerste deel een voor mij belangrijke informatie.
    Als O+ bloedbezitter heb ik natuurlijk veel interesse voor het vervolg van dit verhaal.
    Al zal ik zelf niets gaan controleren.
    Mijn O+ bloed is mij daar te kostbaar voor.

    Nieuwsgierige groet,

    • @Rob,
      Als O+ bloedbezitter heb vast ook wel de ervaring dat je in 1 ruimte verbleef met iemand en met een aantal muggen en dat die ander niet werd gestoken en jij wel? Onderzoek heeft aangetoond dat muggen een voorkeur hebben voor O+ bloed en met name bloedgroep A niet blieven, als ze van dat lekkere O bloed kunnen tappen.

      • Rob Alberts says:

        Ouder wordend verzuur ik steeds meer en meer.
        Kletsende kinderen bezorgen mij dagelijks het apezuur.

        Minder en minder willen muggen mijn bloed.
        Wel komen zij elke dag even langs zoemen en vliegen dan snel weer verder naar mijn lieve buurtjes.

        Zolang ik maar blijf werken en lesgeven verwacht ik dat het muggenprobleem aan mij voorbij blijft gaan.

        De verwachting dat mijn pensioen en spaargeld minder en minder wordt en waarschijnlijk helemaal gaat verdwijnen zal mij later laten veranderen in een verzuurde oude man. Ik reken erop dat dit ook zal helpen tegen boeddorstige muggen.

        Vriendelijke groet,

  2. Anton Lustig says:

    Leuk dat je je nog herinnert hoe lekker onrealistisch en over-enthousiast jullie toen nog konden zijn. Zo pril…

  3. Pingback: Zweden, het gemankeerde paradijs… deel 2 | Het Triumvieraat

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s