Zwijgende Willem en de Talentenjacht

Bijlage van Anton Lustig  (China) ~~~~ 

Kwam een oude foto tegen van een groepje zeer jonge lieden, waaronder ik mijzelf herkende, musicerend op obscure instrumenten, gezeten op het podiumvloer van de middelbare school die ik ooit deelde met sommige lezers en de meeste van mijn medebloggers. Achter deze minstens 30 jaar terug genomen foto schuilen een hoop verhalen.

De Willem de Zwijger Scholengemeenschap in Papendrecht was net een soort overdekt bergdorp, met bruggen tussen de verschillende gebouwen, ieder drie of vier verdiepingen hoog, en laantjes en steegjes waar in de pauzes enorme hordes jeugd beladen met allerlei tassen verwikkeld waren in de “lokaalwisseling”, wat eerder een soort volksverhuizing leek. Dat geloop door al die gangen staat me nog helder voor de geest. Soms zag je slungelige jongens, schijnbaar in gelaten stemming voortslenterend, of je zag blozerige, drukke brugklassertjes, de groteren met hun speels gedoe hinderlijk voor de voeten lopend. Tussen de honderden meisjes waren er verschillende waarvan ik precies wist op welke dag in welke pauze zij welke route door dit complexe bouwwerk zouden nemen… Deel te nemen aan deze ceremonie, vier tot zeven keer, was waar de schooldag geheel om draaide, want de lessen zelf waren vooral slechts oefening in geduld en vormden verreweg het zwaarste deel van deze grote strijd tegen verveling en slaap die “schoolgang” heette. Hoe ik die lesuren daadwerkelijk doorkwam heb ik dan ook reeds lang uit mijn herinnering gewist.

Het lijkt een algemeen gegeven dat onder jongeren altijd subculturen zullen bestaan, in welke exotische vorm dan ook. Exotisch omdat het om kruisbestuivingen gaat van een drang de dingen anders dan normaal te doen en een instinct dat leidt tot conformeren. Over de jaren heen beschouwd zijn subculturen eigenlijk één pot nat en komen ze voort uit een “je moet toch wat”. Maar zeg dat maar niet tegen mensen van die bepaalde leeftijd. Pubers zijn trouwens gevoelige wezens; je kunt ze gauw boos of verlegen maken of anderszins frustreren.

Muziekkeus was nogal bepalend voor de kleding en de haarstijl die men droeg. Ook niet zo heel vreemd natuurlijk, want muziek stimuleert als geen ander medium de bloedsomloop en de stroming der hormonen. Voor subcultuursociologen of muziekfreaks: we leven hier omstreeks het begin der jaren 80. Dat betekent dat, terwijl de meerderheid uiteraard voor brave, zoete mainstream-muziek ging, de punk het meest eruit sprong. Hoewel er ook nog wel wat langharigen rondliepen die weer andere stijlen apprecieerden. Wat er verder nog voor stijlen leefden in die tijd weet ik allang niet meer precies.

Henry Asselman en Harold Heikens waren twee avant-garde levenskunstenaars van mijn leeftijd, die af en toe nog in de les verschenen en verder in de buitenwereld hun eigen geheimzinnige levens leidden. Zij leken aan de hormonale beklemmingen hunner generatie te ontstijgen. Harold was met zijn fiere gestalte en gewaagde outfit een bijzondere verschijning. Hij was ontegensprekelijk een punker, meestal zelfs in vol ornaat, maar als gentleman voelde hij blijkbaar de plicht om altijd meer te zijn dan dat. Gitaarspelen en lawaaimaken kon hij als geen ander, maar vooral viel hij op om zijn bizarre humor. Maar vooral voor Henry Asselman was punk slechts één facetje van de wereld van de muziek en hooguit één button waard op zijn oude bontjas, half schuilgaand onder zijn van kindsaf bijna meterlange en destijds reeds groen of blond geverfde haren. Zijn interesse ging meer naar de nog experimentelere kant van de muziek, die soms ruig was, soms slechts bevreemdend werkte, waarbij het hem geenszins stoorde dat weinigen het konden appreciëren. Niet zo lang na dit verhaal begon hij aan zijn reizen naar het grote India.

Toen bekend werd dat op onze school een “talentenjacht” plaats zou gaan vinden, een schoolconcert met open aanmelding, kwamen Harold en Henry weldra met het idee daar iets bijzonders neer te gaan zetten. Of het uit fanatisme was of slechts een “waarom ook niet”, het zou een uitlaatklep betekenen voor de subculturen die onder de oppervlakte van het schoolsysteem onstuimig sudderden. Henry kwam met de titel van het project: “Hodie Mihi Cras Tibi”. Dat was Sanskriet voor “Heden Ik en Morgen Gij”.

Net een verdwaald sprookjesfiguur was ik in die tijd. Bijna letterlijk, want in de eerste jaren las ik nog veel Tolkien, wat ik Paul Nijbakker inderdaad beamen moet. Ik was een stille en verlegen jongen. Maar ook had ik een aandrang om het onbekende te verkennen en ook, mag ik wel zeggen, een aanzienlijke hoeveelheid fantasie. De vele uren die ik thuis besteedde aan het niet-maken van huiswerk vulde ik met het luisteren naar ongewone en voornamelijk instrumentale muziek die deed reiken naar verre innerlijke horizonten. Ik werkte aan een enorme muurtekening en begon met olieverf te experimenteren, wat resulteerde in mijn eerste schilderijen. Ik kocht een synthesizer (de Korg MS-20) waar ik ontieglijk veel mee pielde – want daar zijn die dingen voor – genietend van het maken van vreemdsoortige geluiden, die vaak extra mysterieus klonken door het gebruik van effecten zoals echo, galm en phaser. Ik bespeelde handtrommels en leerde mezelf op mijn eigen manier te spelen op de basgitaar. 

Vrienden had ik wel, van allerlei slag. Ik ging vrij veel om met vreemdsoortige subculturele snuiters, al of niet met punkerige inslag. In de zachtaardigheid van mijn verschijning ging ik, onbedoeld of niet, tot het extreme. Tussen al dat volk dat zich liever ruig uitdoste ging ik getooid met lange zachte haren waarin van nature onwaarschijnlijk lieflijke gouden pijpenkrulletjes ontstonden. Ik was gewoon bijna een meisje.

Stotteren – nog een hobbie – verhaal apart – is op zich al lastig, maar te meegaand zijn kan heel gevaarlijk zijn. Mijn non-assertiviteit deed bijna denken aan een soort sport: alsof ik wilde kijken hoe ver ik zou komen in een kano zonder riemen. Alsof ik een voetballer was die expres geen slimme zetten maakt, het van de bewegingen van zijn tegenstanders laat afhangen of hij, uit puur geluk, met bal en al het doel aan de overkant bereikt. Want dan toch dat doel te scoren zou toch een extra prestatie zijn! Hoe dan ook, ik Zwijgende Willem, dat stille stukje geweten van de school, maakte dus ook deel uit van die gelegenheidsformatie voor het optreden tijdens de talentenjacht.

een reconstructie van de samenstelling van ons gezelschap:
Hoe onze muziek precies klonk kan ik me eigenlijk maar vaag herinneren. Dat komt waarschijnlijk door de schrik. Tevoren werd gekozen werd voor een simplistische aanpak: een eenvoudig ritme voornamelijk met instrumenten zoals bongo’s en een tinnen tobbe, zoals door Hans van der Steilen, enkele vaste akkoorden op een gitaar – weet ik nu van Rob Buizert, maar op wiens gitaar dan? –  conform de basistoon op de bas van Rick de Waard, en ook nog op een soort toeter van Erwin Schönherr, en: op mijn synthesizer, met de nodige onaardse bijklanken uiteraard. Harry Switsar staat op de foto, maar het is niet te zien wat hij aan het doen is. Wat Rob Hoek deed weet ik ook niet meer. Harold speelde niet mee omdat hij later op moest met de band Rubby Dubby. Henry, die ook niet op de foto staat, concentreerde zich waarschijnlijk op visuele effecten, met een soort vloeistofdia’s of iets dergelijks. Of speelde hij ook nog op zijn cither? [Edwin Groeneweg schijnt een gedicht te hebben voorgedragen en een neppistool te hebben leeggeschoten richting de jury. (Zie onderste comments.) Wat zouden de woorden van het gedicht kunnen zijn? Hoe waren de reacties? Dit zou mooie stof zijn voor een volgend blogje… Wat nou “talentenjacht”!? Ons optreden was één brok non-conformisme, anti-establishment pur sang!]

Het halve uurtje of iets langer vóór wij op zouden treden bracht ons groepje door in een backstage-kamertje. Het hol van de leeuw was nu even helemaal van ons! Ik herinner me nog wel de bravourige en uitgelaten sfeer. Er ging een fles rond en mogelijk ook een jointje, en alle aanwezige instrumenten werden door de anderen nog eventjes gebruikt voor een brasserige jam. Maar ik keek naar mijn settings, want mijn synthesizer was immers verreweg het ingewikkeldst. De stand van alle knopjes en hoe de kabeltjes moesten zitten had ik dan wel in mijn hoofd of op een stuk papier gezet, maar alles stond of viel toch bij die ene knop: de stemknop die precies was ingesteld op de stemming aller instrumenten. Ze mochten best op mijn synthie jammen, alle kabeltjes mochten los en overal mochten ze aan draaien, behalve dan die ene stemknop, want die was toch voor de basistoon…..! Ik had het toch drie keer hardop  tegen ze gemompeld, dus de boodschap moest toch over zijn gekomen. En het belang ervan sprak toch voor zich…

De aula van de school was trouwens een prachtige grote zaal, hoog en met lange dikke gordijnen, en alle vloeren inclusief het podium van het mooiste hardhout. Het ons op die houten vloer installeren onder de warme schijnwerpers ging allemaal heel snel en de anderen in ons groepje lachten bij het idee iets neer te gaan zetten wat de zaal nog nooit had meegemaakt. Het ritme begon en de eerste tonen werden ingezet…. Een enorme beklemming greep mij aan. Mijn instrument was geheel ontstemd! Het lot van deze act lag in mijn handen en het angstzweet brak mij uit. Moest ik die toon gaan “zoeken” door langzaam aan de stemknop te gaan draaien, moest ik op goed geluk een andere stand kiezen, moest ik maar gelijk door het podium zakken, of had ik misschien naar een microfoon moeten lopen om te zeggen: “sorry beste mensen, maar persoon X heeft mijn instrument ontstemd en we kunnen nu niet verder…” Ik koos voor langzaam draaien en een zenuwtergend, totaal onharmonisch geloei als van een in zee zakkende sirene jaagde de gehele zaal de stuipen op het lijf. Mijn gepruts had uiteindelijk ook nog weinig resultaat. Hoe het precies afliep weet ik niet meer. Niemand was boos op wie dan ook en het kon de meesten van het groepje niet veel schelen. Wellicht op Henry na was niemand van plan geweest het publiek daadwerkelijk iets bij te brengen, maar voor het groepje als geheel moet het toch wel een domper zijn geweest.

De oorzaak van deze mislukking is nooit aan het publiek bekend gemaakt. In het schoolkrantje stond een stukje van conrector Veldhuis die zijn grote ontevredenheid uitte over ons misbruiken van deze zo aardig bedoelde kans, en andere opmerkingen van dergelijke en terechte strekking. Het doet er inmiddels ook niet meer toe. En er is in die tijd immers nog veel meer interessants gebeurd dat ook de aandacht opeist. Wel een sterk voorbeeld van het gevaar van te extreme meegaandheid en gebrek aan assertiviteit.

Hier wat eigen muziek, waarvan het eerste stukje misschien als impressie kan dienen van hoe ons optreden geklonken had kunnen hebben. (Hoewel er geen gekke toeter of gitaren in voorkomen.) 

Non-conformisme of niet, aan deze school heb ik verder nog best een hoop positieve herinneringen. Meer zo vanuit het oogpunt dat het allemaal “toch maar mensen” waren die er rondliepen. Ik weet nog de namen van een redelijk aantal docenten, die achteraf, een enkele uitzondering daargelaten, eigenlijk best wel sympathiek waren en toch ook hun best deden iets van hun vak te maken. De tweede en laatste keer dat ik datzelfde podium betrad was tijdens de diplomauitreiking, met een hoop ouders in het publiek. Sommige pas-geslaagden werden speciaal naar voren geroepen, waaronder ikzelf. Lacherig en zeker ook vriendelijk bedoeld zei de sprekende docent dat ik er eentje was “die weleens dingen deed die niet zo deugden, maar die nu dan toch geslaagd was”. Inwendig kon ik dat van die ondeugendheid wel beamen, hoewel mij niet zo zeker was of wij wel op dezelfde dingen doelden. Op het podium zaten een stuk of zes docenten aan een lange tafel. Ik gaf de eerste drie een hand maar bedacht me toen dat verder handjesgeven wellicht te veel tijd zou eisen en gaf de laatste drie gezamenlijk dus maar een joviale zwaai alvorens mij van het podium te verwijderen. De hele zaal lachte. Ik dacht: zie je wel, wat je ook doet, er markeert toch altijd wel wat aan.

Anton Lustig
terug naar Papendrecht, vanaf randje China-Birma, februari 2012

Advertisements
This entry was posted in Anton Lustig, Kunst / Muziek and tagged , , , , , , , , , , , . Bookmark the permalink.

54 Responses to Zwijgende Willem en de Talentenjacht

  1. Pracht verhaal, mooi verteld, lachstuipen op de vroege morgen.

  2. Geweldig stuk! Ik herinnerde me niet meer de naam van die gelegenheidsformatie, maar het ..ehm.. “concert” staat me nog helder voor de geest. Ik was verstijfd van plaatsvervangende ontzetting. De presentatrice wist ook niet meer of ze het nu muziek moest noemen. 😀

    Als ik me het goed herinner, werd die talentenjacht destijds democratisch gewonnen door een stel meisjes dat danste op “Music” van John Miles, maar de eigenlijke winnaar (qua talent) was een meisje dat een geweldige blues ten gehore bracht. Bij mijn weten is ze nog semi-professioneel daarmee doorgegaan na haar schooltijd.

    Die Willem de Zwijger sg heeft ons voor het leven getekend. Ik heb zelf geen onverdeeld genoeglijke herinneringen aan die tijd. En ik ben daarin klaarblijkelijk niet de enige. Van de vele duizenden jongeren die door de decennia heen die schoolgangen gevuld hebben, kwamen er slechts een schamele 500 opdagen bij een grote reunie afgelopen jaar, zo heb ik vernomen…

    Overigens had en heb ik groot respect voor het meerendeel der docenten, daar niet van. De uitzonderingen zijn natuurlijk Hirschbach, daar was je beducht voor en dat is niet hetzelfde als respect, en Ferdibadmusse, want die was zo onecht, een typische politicus eigenlijk.

    • Anton Lustig says:

      Wat weet je dat nog goed, Paul! En het heette dus eigenlijk een ‘talentenjacht’, dat is waar ook. (Dit woord zou niet zo goed passen in de titel van mijn stuk. En in de context, want onze opvoering was met name nogal ‘anti’.)

      Jou verrastte het dus niet dat er weinig animo was voor die reunie. Misschien rustte de sfeer te veel op los zand? Ik heb geen idee. Vond de omgeving van de school wel een beetje troosteloos, dus dat kan met de algehele sfeer te maken te hebben.

      Wel een hoop herinneringen, misschien vooral zelfs aan dat hele prille begin. Toen we nog beducht waren om medeleerlingen beoordeeld te worden om wat voor schoolagenda we hadden gekozen, en dergelijk kinderachtigs. De noodzaak in een eigen wereld te verdwijnen moest toen al wel erg groot zijn.

      Ieder heeft waarschijnlijk zo een rijtje namen en gezichten van docenten in zijn/haar herinnering. Zoals iedereen een eigen spoor heeft nagelaten door de gebouwen heen, volgens de eigen roosters over de jaren. Zouden er ex-docenten zijn die dit blog nog lezen? Ik betwijfel het.

      Van Ferdibadmutse weet ik alleen nog dat het een lange kalende conrector (?) was een geen zwemleraar. Hirschbach was ik eigenlijk niet zo bang voor. Respect inderdaad voor de docenten, die gaan makkelijke baan hadden. En herinneringen aan sommigen die aan eigen conferences deden of anderszins de sfeer met bijzondere inzet probeerden te verhogen. Er was een docent Nederlands die zijn eigen repertoire aan spreuken had om de moed er in te houden, zoals “’t Is en drama, ’t is een drama. Zeven spoken in één pyama…” (Maar verder was hij toch wel wat streng.) Vele jaren was Wessel Jansma mijn klassementor, die altijd heel veel ziel in zijn lessen stak, wat een enkele keer te weinig erkenning kreeg. En er was Deijkerhoff (spelling?), met zijn soms geslaagde, soms mislukte experimenten, maar vooral met zijn verhalen over het jappenkamp. (“En daar ging Dijkerhofje weer, met zijn schep over zijn schouder….”) Het werd toen altijd even stil.

      De meesten van de onderbouw werden blootgesteld aan de verbijsterende show van Veldhuis senior. Iedere les gaf hij te kennen dat hij er eigenlijk niet was. Hoewel het, om de tijd toch prettig door te komen, wel schattig was als een van de ‘kindjes’ voor de klas een liedje wilde zingen. Niemand wist wat men er mee aan moest, met z’n rare stemmetjes en die grote zonnebril, glinsterend als onder een verre grote Franse zon.

      • Dijkerhof? Was dat degene van “Hand voor je mond als je gaapt, stelletje koeboes”?

        Ik denk ook niet dat (ex-)docenten van de Willem zoveel rondhangen op het Internet om te peilen of ex-leerlingen nog iets te melden hebben. Alhoewel, je weet nooit. Op het VK-blog kwamen Cor en ik onze meester uit de zesde klas lagere school tegen…

        Ik ben zelf ook leraar nu en ik herinner me bijna geen enkele van alle studenten die door de jaren heen gepasseerd zijn, maar dat kan ook liggen aan mijn afkalvende en ondergesneeuwde geheugen. Typisch, ik kan me mijn leraren beter herinneren dan mijn leerlingen…

  3. cor verhoef says:

    Wat een prachtig blog en wat een herkenning!! De talentenjacht is geheel door mijn afgekalfde geheugen naar het rijk van Weetnietmeer gezonden. Ik heb ook ineens zin om een blog over de Willem te pennen. Ga ik doen. Ik was namelijk verliefd op een meisje die destijds mijn bestaan niet eens onderkende. (klimt in zijn toetsenbord)

    • Anton Lustig says:

      Dat moet een mooi onderwerp zijn! Hoe lang heeft jouw niet-existentie – in haar ogen dan – geduurd? Wat heb je ondernomen om je bestaan te bewijzen? ’t Was wel de leeftijd voor zulke ingewikkelde situaties, niet?

  4. Anton Lustig says:

    @Paul nog:

    Dat heb ik nou ook, dat de docenten me helderder voor de geest staan dan de klasgenoten! Zou dat dan “normaal” zijn?

    Staat me iets van bij dat Dijkerhof zulke dingen zei als de leerlingen de lesstof weer eens te veel werd. En ‘koeboes’ is vast Maleis of zo.

    Mijn zus en ik werden vorig jaar per mail benaderd door onze kleuterjuf. Niet te geloven toch!!
    Dat moet via Schoolbank.nl zijn geweest. Een site die nuttig kan zijn, maar wel nogal commercieel is. (Heb ik het geld nog niet voor over.)

  5. cor verhoef says:

    Plaatje waar ik door Henry Asselman nog steeds geobsedeerd door ben White Noise

  6. Rob Buizert says:

    Wat Paul zegt: geweldig stuk inderdaad! Dit is een van de dingen die ik nooit zal vergeten van de jaren op de Willem, ook al zijn de details wat vervaagd in de loop der tijd. Superleuk om die foto te zien. Rick aan het eind, dan Harry in overall, jij op de voorgrond… Maar wie zijn die andere twee? Ik weet het niet zeker meer. Edwin dacht ik, en dat zou dan degene met de hoorn moeten zijn – maar dan moet ie zn haar geverfd hebben, wat overigens goed zou kunnen, maar misschien zit ik er wel helemaal naast. En in het midden? Het lijkt Paul Schrandt wel maar weer zou ik er ver naast kunnen zitten. Darn.

    Ergens wel suf dat ik het niet meer weet want ik was er bij, ook ik was meegesleept: ‘we kunnen optreden op school, zullen we meedoen?’ ‘Ja maar er is bijna geen tijd meer’ zei ik nog. ‘Maakt toch niet uit man, we doen gewoon maar wat joh’. IJzeren logica natuurlijk, en we hadden tenslotte gitaren en versterkers en zo – dus ja, dat gingen we doen. Met Rick de Waard (zeker) en Edwin (geloof ik), met niets beginnen en in iets van drie keer oefenen met iets op de proppen komen, en dan hops in het diepe op dat podium in die inderdaad mooie aula. Maar wie drumde er in godsnaam ook al weer? Wim? Ik denk het maar weet het niet meer zeker.

    Wel weet ik nog de sfeer in de backstage-ruimte inderdaad. Daar zat dan een aardig gedeelte van de soort van ‘subcultuur’ van de school bij elkaar ietwat opgewonden en zenuwachtig te zijn. Waren de inderdaad toch soort van iconen Henry en Harold daar toen ook bij? Dat zal wel, het is behoorlijk weggezakt allemaal. Waarom deden ze zelf niet mee eigenlijk, bij hun project? Grappig, zoals ik het me herinner was het meer een project van Henry en Harry, en deed Henry ook mee tijdens het optreden. Maar goed, ik zei al, er is aardig wat vervaagd inmiddels.

    Ook van ons optreden weet ik weinig meer, behalve één stukje van de muziek, een stukje dat ik verzonnen had – een paar getokkelde akkoorden achter elkaar, enkele arpeggio’s die eigenlijk het hele nummer doorgingen want ja, we hadden niet zoveel tijd gehad en waren weinig gedisciplineerd dus de vier akkoorden een flink aantal keren herhaald, dat was eigenlijk ook meteen het hele nummer. Ik weet nog hoe ik het stukje moet spelen. We hadden meer nummers maar daar weet ik niks meer van.

    Het optreden van jullie weet ik ook nog, hoewel ook ietwat vaag. Het klonk erg maf maar dat had ik wel verwacht. Tenslotte had Harry mij net kennis laten maken met The Residents en Throbbing Gristle en dergelijke, dus nee ik was niet verbaasd dat het raar klonk. Ik weet nog dat je achteraf uitlegde dat de stemming van je MS-20 was veranderd en ik zag hoe je daar van baalde. We zullen nooit weten hoe het geklonken had als dat niet gebeurd was. Maar inderdaad: niemand anders scheen het erg te vinden. Niemand van de band dan. Het publiek was echter weinig enthousiast. Maar ook dat had ik wel verwacht. Toen Harry iets eerder tijdens muziekles bij de heer Vught een ‘muzikale spreekbeurt’ hield met als onderwerp The Residents waren in de klas de ontzette reacties en hoongelach niet van de lucht. Ook toen geen enthousiasme voor maffe muziek hahaha.

    Leuk hoor, om dit alles weer een beetje op te halen. Dat van het stukje van Veldmuis in de schoolkrant weet ik niet meer. Wel sommige van die andere dingen, Hirschbach en de Badmuts bijvoorbeeld. OMG. Tja de eerste gooide me er wel eens uit, dan moest ik me melden bij de tweede die ooit gezegd heeft ‘ben je daar nou al weer, wie heeft je er nu weer uitgegooid?’

    En die beschilderde muur bij jou, echt gewéldig vond ik dat. Leuk om die foto te zien.

    Het moment van je diploma-uitreiking weet ik ook nog. Erg grappig hoe je de eerste leraren aan die tafel een hand gaf en de rest afdeed met wat jij een joviale zwaai noemt maar wat op mij overkwam als een ‘ach bekijk het maar ook verder’-gebaar. Hoe dan ook het was supergrappig inderdaad en de zaal lag plat. Geweldig moment.

    Geen onverdeeld genoegen inderdaad Paul, die tijd op De Willem. Toch heb ik er aardig wat goeie herinneringen aan overgehouden. De reunie was inderdaad slecht bezocht. Ik houd niet van reunies maar ben wel geweest op deze laatste, met het doel een aantal mensen weer te zien. Die heb ik gezien en gesproken en dat was erg tof. Maar die docent (klasseleraar van de laatste klas) zien… ik vond het heftig. Ik heb m niet eens een handje gegeven, ik was er pas laat, hij was in gesprek toen ik aankwam, ik raakte ook in gesprek dus het gebeurde gewoon niet dat we ook even praatten maar het gevoel liet me niet los: ‘poeh hee, ik heb een heel leven achter de rug inmiddels en nu, 30 jaar later, heb je nog steeds elk jaar nieuwe groepen kinderen in precies dat zelfde lokaaltje als 30 jaar geleden’…. Ik vond het ZO benauwend… petje af ook ergens, maar het idee zo lang elk jaar in hetzelfde lokaaltje les te geven beklemde me zeer.

    Leuk stukje, leuke foto’s. Hodie Mihi Cras Tibi, ik wist het niet meer tot ik het las. Ik neem aan dat je weet dat Henry in Beijing woont tegenwoordig?

    • Rob Buizert says:

      (die laatste vraag was dan weer voor anton natuurlijk, voor de duidelijkheid)

      • Anton Lustig says:

        @Robert:

        Je weet nog een hoop zeg!
        Je had destijds eigenlijk mee moeten spelen en samen met ons de mistige afgrond in moeten gaan! Edwin deed volgens mij niet mee bij het concert. Die met z’n haar geverfd en met die toeter in het midden was een jongen die ik niet zo goed kende, een beetje Indonesisch aandoend en liefhebber van ‘ska’.
        De ‘drummer’ was iemand die de 20 al gepasseerd was en dus al een stukje ‘ouder’ was. Hij zat niet eens bij ons op school en woonde in de Sterreflet. Ben zijn naam vergeten, of is dit dan die ‘Wim’?

        Staat me nog iets van bij dat Harry vertelde over zijn spreekbeurt over zijn favoriete Residents.

        Henry woonde een tijdje in een andere stad in China. Hij heeft me onlangs een paar dagen opgezocht in Beijing en is nu gewoon weer in Pape City, hoor. Vraag me nu toch af of hij niet toch meespeelde. El maestro zal hopelijk wel gauw uitsluitsel geven. Als hij meedeed moet hij naast mij hebben gezeten en op zijn cither hebben gespeeld. In dat geval staat hij dus net niet op de foto. Maar sowieso moet daar wel iemand gezeten hebben, want we waren toch met z’n vrij velen, staat me bij.

        Verrassend is ook dat je nog best veel dingen van mijn eigen bescheiden persoontje weet te herinneren. Dat armgebaar van mij tijdens die diplomauitreiking was toch echt niet onaardig bedoeld… Stom van mij, ik dacht alleen maar dat zoveel handjes schudden teveel tijd zou kosten. Ik moest nog veel leren, zoals ik nog steeds zoveel moet leren…

        De Muur is ook hier te zien, met de enige foto waar-ie vrijwel geheel op staat en een klein deel van het verhaal erachter: https://hettriumviraat.wordpress.com/2011/04/05/anton-lustig/ Behalve de mede-Triumvieraters hebben verschillende andere vrienden uit die tijd eraan meegewerkt, om te beginnen vrijwel iedereen die in dit blogartikel en de reacties genoemd is. Helaas is dit werk niet meer. Het is, zoals zovele dingen hier genoemd, geschiedenis geworden…

    • @Robert,
      Als leraar kan ik wel antwoorden op die vraag die je aan je klasseleraar had willen stellen: Het lokaal mag dan wel hetzelfde zijn (Tenminste op de Willem waar de meeste leraren een eigen lokaal hadden, wat veel beter is voor de leraar dan elke keer verkassen. Ik heb wel eens lesgegeven in zo’n school en dat was niet goed voor de (gemoeds)rust. In een eigen lokaal heb je al je leermiddleen bij de hand en valt het veel eerder op als er iets niet in de haak is.) maar de leeringen zijn elk jaar anders, geen groep is hetzelfde en dat maakt de beleving, zelfs met in grote lijnen hetzelfde lesmateriaal, iedere keer weer nieuw.
      Desondanks, zou ik voor geen geld aan de Willem, of welke Nederlandse middelbare school dan ook, les willen geven vandaag de dag.

      • Rob Buizert says:

        Duidelijk Paul 🙂 Inderdaad had ik niet zozeer stil gestaan bij de verschillen die je noemt. Overigens bedoelde ik hierboven slechts mijn emotie op dat moment te beschrijven, geen waardeoordeel te vellen oid. Tenslotte heb ik natuurlijk ook geen flauw idee wat Meneer ‘hoe doen wij dit oplossen’ Lurch (want die was het) in zijn vakantie bijvoorbeeld allemaal deed en doet. Wat er voor mij op dat moment uitzag als beklemmend saai was en is voor Mr Lurch misschien wel het ultieme bijkomen na 6 weken extreme survival, bergbeklimmen, diepzeeduiken, raketten bouwen, naar swingersparties met Mrs Lurch – tja je weet t niet. Het was gewoon dat ene moment dat ik m zag en in een flits 30 jaar in hetzelfde lokaal vergeleek met de verschillende dingen die ik in die tijd had gedaan. Een vergelijking die alleen al door het feit dat je in verschillende fasen van je leven zit mank gaat natuurlijk, maar op dat moment beklemde het me het toch even.
        Toch jammer dat ik de kans hem even te spreken voorbij heb laten gaan trouwens, vind ik nu. Mja.
        Als leraar van lokaal naar lokaal laten hoppen lijkt me idd een zeer slecht plan.
        Maar je geeft in het buitenland les begrijp ik. Waar? Leuk?

      • @Robert,
        Kemi-Tornio University of Applied Sciences, onderdeel van de gemeentelijke onderwijsfederatie Lappia.

  7. Rob Buizert says:

    grappig, ik had deze pagina al heel lang open staan op mn compie (die eigenlijk altijd aanstaat), schrijf eindelijk de reactie die ik al zo lang wil schrijven, kijk na het klikken op ‘Reactie plaatsen’ even of het goed geplaatst is en zie dat er inmiddels nog meer reacties zijn 🙂

  8. Rob Buizert says:

    En The White Noise natuurlijk, dank cor. Van hun herinner ik me vooral het nummer ‘firebird’.

    • Anton Lustig says:

      Kan me wel voorstellen dat je op z’n minst verbaasd bent een docent tegen te komen die al 30 jaar lang lesgeeft op de Willem! Maar inderdaad, het verhaal erachter kunnen we dan niet weten.

      Op facebook, waar ik een link naar dit stuk heb gezet, waren er ook leuke reacties. (Maar dat wist je al dus.)

      ‘Firebird’, ga ik ook naar luisteren.

  9. Harold Heikens says:

    Doch…. Harold speelde wel op de talentenjacht. Namenlijk samen met Eddy Tanihatu, Ernst van der Sluijs en Jasper. Het was het eerste optreden van Rubby Dubby. We eindigden als tweede. De eerste plaats had iets te maken met een zoontje van een leraar, want pappie zat in de jury ( Dhr. Schoon?) Ging in ieder geval niet helemaal eerlijk volgens mij.

    Jullie optreden was geweldig, Het was een duidelijke statement in het van regels vergeven scholencomplex, met veel druk om te presteren en weinig tot geen ruimte voor eigen ontwikkeling. Creativiteit en levenslust werd niet op prijs gesteld. Ik kan de verbaasde en geschrokken gezichten in het publiek, nog zo voor de geest halen. Hahahaha,
    wat hebben we gelachen.

    En… volgens mij ‘speelde’ Henry ook met jullie mee, (decor, vloeistofdia’s,coach?)

    Overigens de jongen met hoed op bovenstaande foto is Hans van der Steilen. Hij was een paar jaar ouder dan ons en degene bij wie ik en Henry de LP van White Noise voor het eerst ademloos beluisterden.

    • Anton Lustig says:

      Ha, Harold!
      Inderdaad, Rubby Dubby! Jullie optreden was erg succesvol, herinner ik me nu weer.
      Bedacht me achteraf dat het niet anders kan dat Henry ook meespeelde. Vloeistofdia’s? Waarschijnlijk zat hij zelfs naast mij, hoewel hij niet op de foto paste. Mijn herinneringen waren aanvankelijk vooral gebaseerd op die ene foto, vandaar dat Henry was ‘weggevallen’.
      Verdammt noch mal, wanneer komt Edwin Groeneweg nou met zijn foto!
      Hans van der Steilen, dat is de naam! Hoe gaat het met hem?

      Gauw meer bericht, ik moet de deur uit. We zijn hier voor het grote Munao-festival van de Jingpo. Heb Paul beloofd dat ik er een blogje over ga schrijven. Nog geeneens tijd gehad om op zijn superkoude blogje te reageren. Vanmiddag tijdens het dansen wordt het weer uitkijken om geen zonnesteek te krijgen.

  10. Hans van der Steilen says:

    SUPER!
    Wat goed om weer van jullie te lezen!

    Van mijn verblijf op “De Willem” heb ik bijna alle herinneringen verdrongen, vergeten &/of gelaten voor wat het was: Een mislukte poging om mij in een keurslijf te persen.

    Waar een LP met “maffe” muziek al niet toe kan leiden… 😉
    Ik draai hem (heel) af en toe nog. Ook Iron Butterfly (In a Gadda da Vida), Holger Czukay (Let’s het cool in the pool), Brian Eno & David Byrne: (My life in the Bush of Ghosts) en dergelijke komen zo nu en dan nog op mijn draaitafel.
    En ja, … ik was de “drummer” met de hoge hoed.
    Ik was al een jaar van school af (drop out) toen ik door Harold Heikens gevraagd werd om mee te doen. Onder de wasteil had ik een microfoon en daarop een “echo & nagalm ding” voor een gitaar aangesloten. Het effect was eigenlijk best goed. Ons idee was om een tegengeluid te laten horen: Een luid protest tegen het confirmatistische doen-wat-iedereen-doet-omdat-het-zo-hoort.

    Van alle “juryleden” kregen we extreem lage punten en de nodige zure “complimenten”. Het lerarencorps was duidelijk niet open en/of flexibel van geest. Alleen van Schippers kregen we positieve feedback. Creativiteit werd ook toen in Papecity niet gewaardeerd.
    Zouden er van dit optreden ook nog audiobestanden zijn om te delen?

    Hans

    @ Harold: Die postbodecape heb ik nog steeds, ik heb hem alleen niet meer dagelijks aan 😉

    • Anton Lustig says:

      @ IEDEREEN

      Hallo Hans! Wat geweldig dat jij ook reageert!

      Herinner me nu ineens weer dat geluid van jouw “wastobbe”. Jouw uitvinding klonk heel goed! Ik verwacht niet dat er geluidsbestanden van het optreden zullen bestaan, maar hopelijk duiken er nog andere bestanden op. WIE HEEFT ER NOG FOTO’S?

      Jouw visie op het Willem-onderwijs is scherp en daarom bewonderenswaardig. MOGE ER DUIZEND MANIEREN ZIJN OM TE STRIJDEN TEGEN CONFORMISME! Wat het optreden zelf betreft stel ik mij liever wat bescheidener op, omdat ik vooral denk aan dat ongelukje met mijn synthesizer en aan hoeveel beter het eigenlijk geklonken had kunnen hebben.

      Maar dat neemt niet weg dat je gelijk hebt. Wat we deden was verfrissend en ongewoon. Hoe dan ook een goede Orenwasbeurt!

      Voor mijzelf is dit artikel ook een zeer nuttige oefening in ruimdenkendheid en beschaafdheid. Ik weet wel wie het was – zie hem het zelfs nog zo doen! – maar zeg toch niet wie er toen aan dat noodlottige knopje van mijn synthesizer gedraaid heeft, waarna de boel zo in de soep liep. Wie zou daar immers belang bij hebben? Liever geef ik mezelf de schuld, vandaar dat het stuk tevens een melancholische klaagzang over mijn ziekelijke meegaandheid is, en een pleidooi voor assertiviteit.

      Heb de tekst hierboven wat aangepast, nu ik me weer herinner wat Henry en Harold destijds deden.

      Voor de grap hier wat eigen muziek, waarvan het eerste stukje misschien wel een impressie is van hoe ons optreden geklonken had kunnen hebben. (Hoewel er geen gekke toeter of gitaren in voorkomen.) http://www.reverbnation.com/tunepak/3560073

      Juist als ik deze comment wil plaatsen komt er ineens mail binnen van Edwin Groeneweg, waarin ik lees dat hij toch ook meegespeelt heeft en hij heeft zelfs nog meer verhalen!!

    • Harold Heikens says:

      Ook fijn om van jou iets te vernemen. Ja, meerdere mensen hebben de herinneringen aan de Willem verdrongen, haha, maar… met de collectieve herinnering krijgen we toch weer een aardig beeld van die bijzondere dag.

      Audio- of super8 bestanden zullen er door DOLMAN niet gemaakt zijn of snel zijn vernietigd, maar je weet maar nooit 😉

      Die mooie zwarte cape was jouw visitekaartje, heel bijzonder dat je die nog hebt.

  11. Anton Lustig says:

    Krak! Brekend Nieuws!

    Edwin Groeneweg deed toch ook mee! EN HOE!!
    (Moet ik het artikel WEER aanpassen…)
    Hieronder zijn mailtje:

    Hey Anton,

    Allereerst excuses voor het uitblijven van een antwoord, ik ben amper online geweest de laatste dagen.

    Wat betreft die foto, ik heb er zelfs 3, 1 vlak voor het optreden bij mij thuis en 2 van tijdens het optreden. Net als die van jou zwart wit en ik vermoed dan ook dat het dezelfde cameraman is geweest. Ik denk haast dat dat Harold was, maar weet dat niet zeker. Helaas zitten de foto’s in een album geplakt en heb ik geen scanner. Ik zal proberen of ik iets kan regelen om het te digitaliseren. Het optreden zelf was een mengeling van muziek en poezie, die ons in deze dagen beslist in problemen met de politie zou hebben gebracht. Op een van die foto’s sta ik namelijk een gedicht voor te dragen terwijl de anderen vrolijk door zitten te trommelen, fluiten of wat dan ook, met een alarmpistool in de hand. En ik kan me herinneren dat ik dat echt lijkende pistool ook leeg geschoten heb op de jury. Dat zou tegenwoordig toch een aardige partij paniek opleveren, hahaha.

    Ik kan je ook vertellen wie er allemaal mee deden, namelijk jijzelf, Erwin Schönherr, Hans van der Steilen, Harrie Switzar, Robbie Hoek, Rick de Waard en ikzelf.

    Die band van Harold, Ed, Ernst en Jasper heette Rubby Dubby en het enigste nummer dat ik me nog kan herinneren was eins zwei polizei, maar vraag me niet om het even voor te zingen.

    Het is leuk om dat soort herinneringen weer eens op te halen. Jammer dat we allemaal zo ver uit de buurt wonen, het lijkt me geweldig om weer eens bij mekaar te komen met bv jou, Harold, Henry en Rick. Dat zou een paar mooie verhalen opleveren.

    Groetjes,

    Edwin

    Anton weer:
    Weer eens met een aantal oude vrienden bijeen te komen zou inderdaad geweldig bijzonder zijn. Moet hier wel bij vertellen dat het nog best een paar jaar kan duren voor ik weer in Nederland kom. Laten we dit idee dus nog maar een tijdje warm houden 🙂

  12. Erwin Schönherr says:

    wat een verrassing om mezelf van de achterkant te zien……het begint me weer te dagen, dat prachtige moment. Moest wel heel diep graven maar ja, ik weet het weer. Had het niet verdrongen, maar was het gewoon vergeten. Inderdaad, Indisch / indonesisch, helemaal gek van ska (nu nog).
    Rubby Dubby, deden die ook niet iets van “tv sucks”?

    De wisselbeker van die talentenjacht staat bij mij thuis. Wessel Jansma was een paar jaar geleden zo vriendelijk om hem aan me te geven. Dat jaar werd gewonnen door Laura Wijnbelt, dat balletdanseresje. Daarna heb ik ‘m, samen met Schönheijd & the Superchicks nog eens gewonnen (met de hulp van een corrupt jurylid (1 fles lambrusco was voldoende)) en nog eens gepresenteerd.

    Goed om van iedereen weer wat te lezen. Edwin en ik waren 2 van de 500 van de afgelopen reünie, was goed om ‘m te zien.
    binnenkort meer overwegingen, gedachtenkronkels enzo.

    • Harold Heikens says:

      Inderdaad “TV Sucks” was één van de nummers die we hebben gedaan, dat je dat nog weet 🙂 Enkele andere nummers waren “Police Agression”(ein,zwei polizei), Social Suicide en Rock against Religion.

    • Anton Lustig says:

      Hallo Erwin!

      Erg leuk om weer van je te horen! Dat je het toch zo ver hebt weten te schoppen in de Papendrechtse showbusiness! Hoor graag meer van je kronkels en dergelijke. Je bent ook welkom om te vertellen waarom jij Pape City verlaten hebt dan wel ontvlucht bent. Dit blog wordt door vier ex-Papendrechters beheerd die nu allemaal in de meest verre uithoeken der aarde wonen, vanuit Papendrechts perspectief dan. Lees anders maar het “Over ons”: https://hettriumviraat.wordpress.com/about/

      Dit artikel wordt vast nog uitgebreid met sensationele nieuwe foto’s en wat al niet meer, dus houd je schrap!

      • Erwin Schönherr says:

        Hallo Anton,

        In de tijd dat ik lid van de Willem was (totaal 10 jaar), woonde ik in Alblasserdam. Later heb ik drie keer in Papendrecht gewoond. De woonlijn is tot nu toe als volgt geweest: Alblasserdam – Papendrecht – Kuala Lumpur – Papendrecht – Hendrik Ido Ambacht – Papendrecht – Hendrik Ido Ambacht. Ik ben dus weer de rivier overgestoken. Voor mijn gevoel ben ik er nog niet. Het verre trekt nog steeds. Heb een lapje grond op Bali (het land van mijn vrouw, en mijn moederland), maar ook nog de wens om nog een aantal jaren in Japan te wonen en werken. Gaat allemaal nog wel komen, ben niet echt aan NL gebonden. Mijn dochter studeert Japans, dus ja, ook dat gaat komen.

        Over showbusiness gesproken, daar doe ik helemaal niets meer mee. De laatste artistieke uitspatting daaromtrent was deelname aan de eerste Willem-musical.

        Later weer meer.

        Er staat me ook nog iets bij dat Das Breetels heette…..wat was dat ook al weer? En een meisje dat zich Rattex noemde…….

  13. Anton Lustig says:

    Hallo Erwin,

    Toch geen performer, manager of platenbaas geworden dus, ook geen ramp. Aan de hand van een paar foto’s ging ik er eigenlijk vanuit dat je intussen in Indonesië of dergelijke contreien woonde. Bali moet geweldig zijn! Japan ook. Maar dat wil niet zeggen dat er zoveel verkeerd hoeft te zijn aan het leven in het Zuid-Hollandse. Wij triumvieraters, alle vier ex-Papendrechters, willen ons dan weleens negatief uitlaten over onze onvrijwillige Heimat, maar dat is vooral kwajongerigheid. Ik wens je in ieder geval succes met wat je ook maar verder zult gaan ondernemen. Zo te lezen liggen er vast wel allerlei mogelijkheden open.

    Voor het geval je het nog niet wist, wij triumvieraters wonen in Lapland, China, Thailand en Indonesië en doen daar allerlei dingetjes. Ook eten wij daar ongetwijfeld elke avond aardappels met vette jus. Ik zit al erg lang in China en ik ben zojuist bezig me te vestigen in een dorp – waar wij dus ook een lapje grond hebben – in het gebied praktisch op de grens met Birma, waar ik 20 jaar geleden al kwam voor onderzoek en waar ik sindsdien ben blijven terugkomen, vanuit Nederland dan wel Beijing, maar nu dus voor een project ter behoeve van het minderheidsvolk genaamd Jingpo/Zaiwa. Behalve Chinees spreek ik ook hun taal. Het projectcentrum wordt tevens mijn atelier en studiootje, want ik wil allerlei werkterreinen met elkaar verenigen. Ik heb er elders nog wel het een en ander over geschreven en zal zulks blijven doen.

    Het bovenstaande stuk, waar het allemaal over begonnen is, zal worden aangevuld zodra nieuwe foto’s of belangrijke vergeten details opduiken. Oorspronkelijk was het vooral auto-biografisch bedoeld, met als belangrijk thema mijn non-assertiviteit, tot in het belachelijke toe. Maar omdat het natuurlijk om een uitvoering gaat waar veel mensen bij betrokken zijn geweest, is het vooral een mogelijkheid tot het elkaar treffen en herinneringen op te halen geworden. Leuk toch!

    groeten, succes en houd me maar op de hoogte!

    Anton

  14. Erwin Schönherr says:

    Ha Anton,

    machtig mooi om dit allemaal te lezen, zeker de moeite waard om dit blog te blijven volgen, en ook jouw avonturen op Facebook.
    De reden om voor mij te verkassen naar KL was om daar te wonen en te werken en alleen nog maar met vakantie af en toe terug te komen naar Papendrecht en contreien, of beter, als springplank te dienen om in Azië te zijn (follow your heart). Maar ja, er zat wat tegen (economische situatie, bosbranden op Borneo / Kalimantan waardoor je volgens zeggen dagelijks 200 sigaretten rookte) dus eieren voor mijn spek gekozen en teruggegaan naar jawel Papendrecht.
    Spreek ondertussen 5 talen (al dan niet vloeiend) waaronder Indonesisch. Balinees spreek ik niet, maar kan ik nu redelijk volgen. Japans is de huidige uitdaging, het begint te komen. Eerst maar eens een beetje spreken, hiragana, katakana en kanji komt later wel.

    Ik kijk eigenlijk best wel met plezier terug op die 10(!) jaar op de Willem. Toch veel aan overgehouden, bijvoorbeeld dat ik dankzij Wessel J. een spellingsnazi ben (net als mijn dochter, met dank aan inderdaad dezelfde Wessel J.), dat ik dankzij ene (ook al eerder genoemde) Hirschbach nog steeds een gedicht van Theodor Storm geheel uit mijn hoofd ken. Wessel J. heeft nog wel meer een “verderfelijke” invloed op me gehad: een van mijn favoriete films is The Rocky Horror Picture Show…….

    Die Nachtigall – Theodor Storm

    Das macht, es hat die Nachtigall
    Die ganze Nacht gesungen;
    Da sind von ihrem süßen Schall,
    Da sind in Hall und Widerhall
    Die Rosen aufgesprungen.

    Sie war doch sonst ein wildes Blut
    Nun geht sie tief in Sinnen,
    Trägt in der Hand den Sommerhut
    Und duldet still der Sonne Glut
    Und weiß nicht, was beginnen.

    Das macht, es hat die Nachtigall
    Die ganze Nacht gesungen;
    Da sind von ihrem süßen Schall,
    Da sind in Hall und Widerhall
    Die Rosen aufgesprungen.

    Goed, met dit (toch wel zeker) prachtige Duitse gedicht (en nee, ik vind het niet alleen mooi omdat ik Duitse voorouders heb) sluit ik maar even af.

    Groeten,

    Erwin

    Gravertje: welke leraar zette de leerlingen op alfabetische volgorde in de klas neer? (hint: hij had een posterke hangen met daarop de tekst (en bijbehorende tekening) “rauchen macht schlank”).

    • Anton Lustig says:

      Hoi Erwin,



      Niet mis zeg, en dat met die bosbranden en Transsylvanische toestanden en alles! Binnenkort wordt het eieren én spek voor je, in een lekkere multi-continentale omelet. Japans staat bekend als moeilijk, maar er zijn steeds meer handige leermiddelen en je kunt ook steeds makkelijker op afstand communiceren met sprekers van elke taal. En motivatie is het allerbelangrijkste.


      
Ik spréék toch wel aardig Duits maar moet toegeven niet zo veel van dat gedicht te snappen. (Vertaling niet on-line gevonden.)

      

Die poster met “rauchen macht schlank” kan ik me herinneren, maar wie die merkwaardige docent was…? Van de docenten Duits herinner ik me alleen Hirschbach. Ik geef het op. Oók Hirschbach?

      

Groeten en tot later,

      

Anton

    • @Erwin,
      Zo zie je maar weer, zo’n Hirschbach heeft zijn sporen nagelaten. Ik kan door hem nog steeds een gedicht van Joseph von Eichendorf declameren (Mondnacht) en doe dat ook regelmatig, wanneer ik mijn studenten presentatietechnieken moet bijbrengen.
      Die poster klinkt naar de humor van Veldhuis, maar ik heb nooit les van hem gehad, dus het is een gokje.

  15. Harold Heikens says:

    Hah… de “rauchen macht schlank” poster was van Dhr. Dolman, die een gruwelijke hekel had aan roken en rokers.

    • Erwin Schönherr says:

      de koelkast is de jouwe! Inderdaad, het was dhr. Dolman die die poster had hangen. Buiten het eerder genoemde alfbetische zitplan en die poster is me alleen nog bijgebleven dat er een soort van unheimisches Gefühl in dat lokaal hing.

    • Argh, Dolman, de-naam-zegt-het-al, nooit les van gehad, maar wel mee op schoolreis geweest (huiver), en wie ging er ook mee: Hirschbach (dubbel huiver).

      • cor verhoef says:

        Ja weet je nog, die voettocht door Luxemburg. Daar zat ook een soort psychopaat tussen, in dat wandelgezelschap. Ik weet zijn naam niet meer, maar het was iemand die later wellicht bloedbaden heeft aangericht op shopping malls.

    • Cor Verhoef says:

      Ik geloof dat ik door Dolman ben gaan roken…

      • Harold Heikens says:

        Dhr. Dolman leidde ook de filmclub. Een club van leerlingen die graag wilde leren filmen. Ik dus ook in 1976. Op zo’n clubavond tijdens de pauze in de hal, stonden er glazen met rookwaren er in op de tafels. Ik stak een sigaar op, komt Dollman schreeuwend op me af bleef geruime tijd vreselijk tekeer gaan… pakt vervolgens de sigaar af en stuurt me naar buiten met de mededeling dat ik niet meer welkom was op de club.

        De beste man had een vreselijke hekel aan roken. Hij zal hiervoor zeker een reden gehad hebben, maar die is mij niet bekend.

  16. Wessel Jansma says:

    Ha Die Anton, Erwin, Paul & anderen,
    Hartelijke groeten van Wessel J. Ik kreeg een mailtje van Anton Lustig – dat ik binnenkort, beste Anton, zeer zeker wat ruimer ga beantwoorden – met een link naar dit gedoe hier. Leuk eens te lezen wat de Willem bij jullie heeft aangericht (voor zover dat al niet eerder was gebeurd) !
    Ik wens jullie veel plezier in jullie leven & hartelijke groeten,
    Wessel J.

  17. Anton Lustig says:

    Teruggevonden: knipseltje uit het “Willempie” (zonder datum), of hoe dat schoolkrantje van de Willem de Zwijger Scholengemeenschap ook heette:

    Photobucket

    Wat betreft het geluid tijdens de show kan ik de schrijver geen ongelijk geven. Vandaar immers dat ik dit stuk geschreven heb! Het optreden was mislukt en dat kwam helemaal door mij. En door de niet bij naam genoemde persoon die – tegen de aanwijzingen in – aan de knopjes van mijn synthesizer had gedraaid dan.

    Wat de rest van deze bespreking van de talentenjacht betreft…
    PRIMA stuk!
    Behalve dan het gebruik van het woord “abnormaal”. Abnormaal vind ik juist een positief beladen woord!
    Afzetten tegen godsdienst is natuurlijk zeer belangrijk en een nobel streven. Het enige gevaar is dat het gauw afgezaagd wordt.
    “Die agressie doen oplaaien in de aula”… Zou het?

    Flauw van mij he? Conrector Veldhuis gebruikte het woord “abnormaal” volgens mij alleen maar omdat dat een veelgebruikt woord was onder de leerlingen. En hij moest natuurlijk afstand nemen van dat afzetten tegen godsdienst vanwege de (ouderse van de) hordes gggristelijke leerlingen die elke dag uit de Alblasserwaard aan kwamen fietsen.

    • Tjonge nog an toe, zo reactionaire reactie staat mij helemaal niet meer bij. Ik kan me noch overdreven geluidssterkte noch aggressieve anti-religiositeit herinneren. Ik ben het overigens helemaal met je eens dat het tegengaan van georganiseerde godsdiensten een zeer nobele onderneming is. En ook realiseer ik me dat er klaarblijkelijk twee talentenjachten waren die ik in de mist der ouderdom door elkaar haal.

  18. Pingback: Sex & Violence | Het Triumvieraat

  19. Anton Lustig says:

    Hier is het tweede en laatste deel van mijn “Terug naar Puberdrecht”:

    https://hettriumviraat.wordpress.com/2012/04/16/sexandviolence/

  20. Rob Buizert says:

    hahaaaa te gek, ik was hier al een poosje niet geweest en kan ook nu nog niet mijn leesachterstand inhalen – mgoed, leuk om weer wat herinneringen teruggebracht te zien als ik mn ogen snel over de pagina laat gaan: Hans vd Steilen, ja natuurlijk, die was t (hoi Hans)… met cape… geweldig… Rubby Dubby met TV Sucks (hoi Harold)… leuk leuk leuk allemaal 🙂

  21. Harry Switzar says:

    Gonna take a sentimental journey….. oude herinneringen en namen dwarrelen mij door de aangenaam verraste geest. Veldhuijs sr. met z’n bakje gemalen bruine bonen met koeiedrab, Hirschbach (Kees Gestapo was geloof ik zijn bijnaam) die Duits onderwijzen wist te kombineren met een vertoning van niet geringe tapdans vaardigheden. Augurkum die zijn franse dictees kompleet onverstaanbaar voordroeg. Die Dolman (gelukkig maar 1 jaar) die de nagekeken proefwerken van tevoren op cijfer sorteerde, van laag naar hoog, en die deze proefwerken dan ook op eerder genoemde volgorde aan ons teruggaf (Wim de Koning en ik waren altijd topskorers vanwege onze weerzin om naamvallen en Hoofdletters voor zelfstandige Naamwoorden te gebruiken). Lachen bij Deijkerhoff en de meestal mislukkende scheikundeproeven van Beers.
    De talentenjacht is me ook altijd bijgebleven, maar in mijn beleving kwam het resultaat goed overeen met onze bedoeling om de bourgeois eens flink te verbazen!

    • Anton Lustig says:

      Hoi Harry,
      Leuk je hier, en op feestboek, tegen te komen!

      Wat wonderbaarlijke herinneringen betreft staat Veldhuijs sr. toch wel bovenaan bij mij. Maar van die gemalen bruine bonen met koeiedrab moet je me nog maar eens vertellen, want daar weet ik niks meer van.

      Beers’ standaardzin was: “Deze proef is, zoals gewoonlijk, mislukt.”

      Ik herinner me dat je Deijkerhoff eens een fles whisky kado gedaan hebt. Hij zei: “Dat vind ik verdomd sympathiek van je!”

      • Robert Buizert says:

        hahaha ja Deijkerhoff en die amanuensis van hem roken wel eens verdacht alcoholisch tijdens practica

  22. Ernst van der Sluijs says:

    Geen commentaar.

  23. Ernst van der Sluijs says:

    Hoi Erwin,

    Inderdaad, ik ben het.
    Ik heb met veel plezier de bovenstaande opgehaalde herinneringen gelezen.
    Ervaringen die hoe dan ook hebben bijgedragen aan het (ver)vormen van persoonlijkheid en persoonlijke voorkeuren.
    “Geen commentaar” is een knipoog naar Harold.
    Als er “No Comment” had gestaan was het waarschijnlijk duidelijker geweest.
    Papendrecht…..
    Tja, via Rotterdam en Amsterdam ben ik uiteindelijk geland in Lelystad.
    Dat voelde toch een beetje als thuiskomen 😉
    Willem de Zwijger…….
    Ik heb er best leuke herinneringen aan.
    Aan mijn hele jeugd eigenlijk wel.
    Heerlijk, zo’n selectief geheugen!

    groet van Ernst

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s