STANDPLAATS KOH CHANG: DE FIN EN DE PAD.

CorWonderlijk, is het niet? Mensen die kinderverscheurende Rottweilers beschouwen als koddige huisdieren en met hetzelfde gemak kikkers en padden die onverwachts opdoemen in badkamers classificeren als levensbedreigende monsters.

Arie, op zijn Fins gespeld als Aarrii, kwam gillend ons tuinpad oprennen. Aarrii is onze alkoholische buurman uit Finland die op achtenveeeertiig jarige leeftijd een uitkering geniet wegens arbeidsongeschiktheid, en zich op het goede Thaise eiland Koh Chang zijn uiterste best doet om de eeuwig zingende bossen van zijn moederland te vergeten door zich dagelijks drie slagen in de rondte te zuipen…

“Corrrr, animal in my bathrroom, slimy animal!!”

Ik keek op uit mijn “Reptiles for Dummies” boek en vroeg: “Snake?”

“Noooo, not snake, amphibian, big eyes, sad face, sit in the shower, no move, eyes bigger than feet.”

Gewapend met een teenslipper en in de overtuiging dat Aarrii bevangen was door een Delirium Tremens, in Finland ook wel “lichte kater” genoemd, volgde ik onze buurman die met mij met onvaste tred naar zijn hut leidde.

Alvorens de badkamer te bereiken bewoog ik mij eerst door woonkamer van Aarrii’s hut ervoor zorgend dat ik niet door mijn neus ademde. De stank van zijn woonstee was overweldigend en ik vroeg mij af waarom een amfibie zo gek was geweest om juist Aarrii’s hut te selecteren voor een kort verblijf.

“There it is, the animal’ schreeuwde Aarrii, zwaaiend met een heupfles Thaise rijst whiskey.

Het was inderdaad een indrukwekkende pad, qua schoonheid. Zijn rug vertoonde roodbruine vlekken op een paarse achtergrond en zijn lodderige ogen leken Aarrii meewarig aan te kijken.

Ik zette mijn teenslipper naast hem op de betegelde vloer waar het monster onmiddellijk opklom -padden en teenslippers, het perfecte huwelijk- en serveerde het beest als een ober terug de tuin in.

“I buy you drrrink” galmde Aarrii en nam een niet bestaande slok uit zijn inmiddels lege heupfles.

“That won’t be necessary, Aarrii. Just forget what happened”

Aarrii’s ogen schoten inmiddels alle kanten uit en ik had een sterk vermoeden dat deze rijzige alcoholist een nieuw drankje nodig had om zijn demonen te bestrijden.

De volgende dag zag ik Aarrii op het strand, languit in een strandstoel met zijn hand op de kop van een Pitbull die zich naast de goede Fin in het zand had gevleid.

Aarrii’s uiterlijk was grotesk. Zijn kale schedel vertoonde alle bestaande scharkeringen van de kleur rood en het vette lichaam vertoonde op diverse plekken symptomen van derde graads brandwonden.

Aarrii, heeft het Paradijs gevonden. De Pitbull weet van niets en likt de rug van Aarrii’s hand…

Advertisements
This entry was posted in Cor Verhoef, Reisimpressies and tagged , , , . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s